|
De ontwikkeling bepaald de tijdstip Jonge honden zijn absolute 'nestjongen'. Ze zijn voor alles van de moeder afhankelijk. In een natuurlijke hondenroedel die uit vader, moeder en kinderen bestaat, verloopt de ontwikkeling van de pups steeds volgens hetzelfde patroon: wanneer pups ter wereld komen, kunnen ze eigenlijk helemaal niets. Als ze 10 tot 14 dagen oud zijn, gaan hun ogen open. Wanneer ze 3 weken oud zijn, verlaten ze voor het eerst, zij het slechts kort, hun nest. Bij het eerste, ongewone geluid komen ze gelijk weer bang terug. Pas tussen de 4de en de 8ste week leert een jonge hond zijn roedel kennen. Hij leert wie hij kan bijten en wie niet (die bijt onmiddellijk terug). Hij leert dat een roedel bestaat uit onderling heel verschillende leden en dat men met allen op een verschillende manier moet omgaan (ook met mensen, katten, vogels). Hij leert dat hij in de roedel veilig is, dat de 'groten' hem beschermen, zelfs wanneer ze wel eens ruw zijn. Hij leert vertrouwen te hebben ijn zijn roedel en in zijn omgeving. Oervertrouwen noemen psychologen dat. Gewapend met dat oervertrouwen en altijd met de moeder dicht in de buurt, beginnen de jongen de wereld te verkennen en ervaringen op te doen. De moeder houdt zich haar kinderen nu meer en meer van het lijf. Na 7 weken heeft zij genoeg van haar jongen. Ze laat de kleinen onder de hoede van hun vader, die er zich al lang mee wou bemoeien, maar dat nooit mocht. Om die reden is het geschiktste tijdstip voor de overname van een pup de tijd rond zijn achtste levensweek. De pup is dan gespeend; de moeder trekt zich terug en in de natuurlijke hondenroedel zou iedere pup aansluiten bij degene die bereid is de vader- of moederrol op zich te nemen. De pup overnemen bij het begin van de opvoedingsfase Toch zijn er fokkers die hun pups liever pas met 10 tot 12 weken afgeven. Ze menen dat de kleintjes nog te gevoelig zijn en bovendien zijn ze nog niet volledigin geënt. Op dit argument mogen potentiële boxerhouders niet ingaan. Met 12 weken begint in de natuurlijke boxerroedel immers de opvoeding. Daarvoor moet de hond echter vertrouwen hebben en dat moet vooraf verworven worden. Met 4 maanden komt iedere jonge hond in zijn 'eenkennige fase'. Hij is dan bang voor nieuwe dingen en situaties. Het is dus een slechte periode voor een nieuwe start. Op 6 maanden ten slotte is hij bijna een volwassen jonge hond. Belangrijk: Natuurlijk kan men ook een bijna of helemaal volwassen hond adopteren, maar daarvoor moet men al ervaring hebben met honden. Mensen die voor het eerst een hond houden, wordt aangeraden een 8 weken oude pup te
|